Sint Jozef Parochie

Sacramenten

Sacramenten

De Katholieke Kerk kent zeven sacramenten. Een sacrament is een samengaan van gebed en handeling waarin de gewijde bedienaar namens Jezus en zijn Kerk een ontmoeting mogelijk maakt met de verrezen Heer Jezus. Het woord sacrament komt uit het Latijn en betekent: ‘eed van trouw’ en ‘geloofsgeheim’.

1. Doopsel

Jezus zei: ‘Gaat dus en maakt alle volkeren tot mijn leerlingen en doopt hen in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest.’ (Matteüs 28,19).

2. Eucharistie

Jezus stelde de eucharistie in tijdens het Laatste Avondmaal. Onder de maaltijd nam Jezus brood, sprak de zegen uit, brak het en gaf het aan zijn leerlingen met de woorden: 'Neemt, eet; dit is mijn Lichaam.' Daarna nam Hij de beker en na het spreken van het dankgebed reikte Hij hun die toe met de woorden: 'Drinkt allen hieruit. Want dit is mijn Bloed van het Verbond, dat voor velen vergoten wordt tot vergeving van zonden.' (Matteüs 26,26-28).

3. Vormsel

Na zijn verrijzenis kwam Jezus bij de apostelen in de bovenzaal: … Na deze woorden blies Hij over hen en zei: 'Ontvang de heilige Geest.’ (Johannes 20,22).
Toen de apostelen in Jeruzalem vernamen dat Samaria het woord Gods had aangenomen, vaardigden zij Petrus en Johannes naar hen af, die na hun aankomst een gebed over hen uitspraken, opdat zij de Heilige Geest zouden ontvangen. Deze was namelijk nog over niemand van hen neergedaald; ze waren alleen gedoopt in de naam van de Heer Jezus. Zij legden hun dus de handen op en ze ontvingen de Heilige Geest (Handelingen 8,14-17).

4. Huwelijk

Jezus zei: 'Hebt gij niet gelezen, dat de Schepper in het begin hen als man en vrouw gemaakt heeft en gezegd heeft: Daarom zal de man zijn vader en moeder verlaten om zich te binden aan zijn vrouw en deze twee zullen worden een vlees? Zo zijn zij dus niet langer twee, een vlees als zij geworden zijn. Wat God derhalve heeft verbonden, mag een mens niet scheiden.' (Matteüs 19,4-6).

5. Priesterschap

Hij (Jezus) stelde er twaalf aan om Hem te vergezellen en door Hem uitgezonden te worden om te prediken (Marcus 3,14).

6. Biecht

Toen Jezus hun geloof zag, zei Hij: 'Vriend, uw zonden zijn u vergeven.' (Lucas 5,20).
Jezus zei: ‘Aan wie gij de zonden vergeeft, zijn ze vergeven, en aan wie ge ze niet vergeeft, zijn ze niet vergeven.' (Johannes 20,23).

7. Ziekenzalving

Is iemand onder u ziek? Laat hij de presbyters van de gemeente roepen; zij moeten een gebed over hem uitspreken en hem met olie zalven in de naam des Heren (Jakobus 5,14).

Sacramenten mogen in principe alleen door een priester worden toegediend, maar vanwege het priestertekort, mogen ook diakens dopen. Als er direct doodsgevaar dreigt, na bijvoorbeeld een geboorte, mag iedereen dopen: terwijl er dan water over het hoofdje van de dopeling stroomt, dienen de volgende woorden uitgesproken te worden: ‘Ik doop je, in de Naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.’ Een zogenaamde nooddoop is kerkelijk geldig. Maar dit is echt een uitzondering.

Sint Jozef Parochie